Ons verhaal voor de Jeugd
Vandaag deel 2 van een verhaal van Herbert Reinecker, getiteld ‘Ongelijke tegenstanders’, uit het Duits vertaald door Leni Hof-Hoogland
Onbekende Tegenstanders
Hoofdstuk 1.
De Ontdekking bij de rivier (2).
“Laten we dan verder gaan!” zei Koert ongeduldig en hij maakte aanstalten weg te spurten.
“Wacht nog even!” zei Paul. Hij bukte zich en schudde de jongen aan zijn schouders heen en weer. “Hé, joh, word eens wakker!”
Maar de jongen maakte alleen wat vage bewegingen met zijn handen, knipperde met de ogen en keek Paul met een volledig lege blik aan.
Het was duidelijk dat hij Paul niet eens zag. Hij liet een harde boer horen en er liep wat speeksel uit zijn mond. Hij stonk enorm naar alcohol.
Paul kwam overeind en keek onzeker naar zijn vrienden. “We kunnen hem hier toch niet zo laten liggen?”
“Hoe oud zal hij zijn?”
“Zestien, zeventien, ouder vast niet”, antwoordde Paul. "En hij is volslagen bewusteloos.”
“Hij komt vanzelf weer bij”, zei Koert, die nog graag een tijdje wilde rennen.
“Maar het loopt tegen de avond. Je weet hoe koud het ’s avonds is. En dan zo vlak bij het water.”
“Wat wil je dan doen?”
Paul probeerde nogmaals de jongen wakker te schudden. Het trok hem overeind en sloeg hem zelfs met de vlakke hand op zijn gezicht. Maar niets hielp. De jongen staarde met glazige, niets ziende blik in de leegte en gleed, zodra Paul hem losliet, weer op zijn rug, waarna hij in dezelfde houding bleef liggen.
“Zal ik jullie eens wat vertellen”, zei Paul, “die knaap heeft hulp nodig.”
“Dronken mensen komen altijd vanzelf weer een keer bij”, klonk het droge commentaar van Koert.
“Deze niet”, mompelde Paul bezorgd. Hij had er geen vrede mee. “Blijven jullie even hier, dan bel ik de politie!”
“Wil je de politie erbij halen?” vroeg Alexa verbaasd.
“Ja, iemand zal hem hier toch weg moeten halen. Hij kan hier niet blijven liggen en voor ons is hij te zwaar.”
Paul liet zich niet weerhouden. Hij pakte zijn fiets en spurtte weg.
(wordt vervolgd)