AsserJournaal
vrijdag 19 december 2008

 
 
AsserJournaal
Uitg. Stichting
Press Support

Hfd.red. Jan Hof
Tel.(0592) 37 10 17

Colofon (meer >>)

BMT Media
Reuring
Verhalen - Even een verhaaltje 16/12/2008 02:46
Ons verhaal voor de jeugd

 

Vandaag de zesde aflevering van het tweede verhaal uit de bundel ‘Lichter dan Lucht’ van de Russische schrijver Aleksander Koeprin, met als titel ‘De Olifant’. Het werd uit het Russisch vertaald en bewerkt door Leni Hof-Hoogland

         ‘De Olifant’, (7)


Achter de olifant worden verse wortelen, kool en rapen neergelegd. De Duitser strekt zich uit op de bank naast het dier. Het licht wordt gedempt en iedereen gaat slapen.

De volgende dag wordt het meisje bij het krieken van de dag wakker en het eerste dat ze vraagt is:

“En, is de olifant gekomen?”

“Hij is gekomen”, antwoordt haar moeder, “maar hij wil dat Nadia zich eerst wast en daarna een zacht eitje eet en een beker chocolademelk drinkt.”

“En is hij lief?”

“Hij is erg lief. Eet, meisje. Dan gaan we naar hem toe.”

“En is hij grappig?”

“Ook wel een beetje. Doe je warme vest aan.”

Het eitje is snel opgegeten en de chocolademelk opgedronken. Dan gaat Nadia met haar moeder naar de eetkamer.

De olifant is veel groter dan Nadia had verwacht. Hij komt tot bovenaan de deur en neemt de helft van de kamer in beslag. Zijn huid is ruig en vertoont grote plooien. Zijn poten zijn dik als palen, zijn staart is gekruld. Er zitten grote knobbels op zijn kop. Zijn lange oren hangen omlaag. Zijn ogen zijn bloeddoorlopen, maar verstandig en vriendelijk. Zijn slagtanden zijn afgesneden, zijn slurf doet denken aan een lange slang en aan weerszijden bevinden zich zijn neusgaten. Als de olifant zijn slurf in volle lengte zou uitstrekken, zou die waarschijnlijk tot het raam komen.

Het meisje is helemaal niet geschrokken. Ze is alleen wat verbaasd over zijn enorme grootte. De verpleegster daarentegen slaakt een gil van angst.      

De baas van de olifant, de Duitser, komt naar het meisje toe en zegt:

“Goedemorgen, mejuffrouw. Wees alstublieft niet bang. Tommie is erg lief en hij houdt van kinderen.”

Het meisje legt haar kleine, blanke handje in de grote hand van de Duitser.

“Goedemorgen, hoe gaat het met u?” zegt ze. “Ik ben helemaal niet bang. Hoe heet hij?”

 

(wordt vervolgd)



 

Dit artikel afdrukken Reageren op dit artikel

Reuring
Uw reclame hier?

5413540
Naar boven
WebDesign en hosting: BMT Media