Verhaal voor de Jeugd
Dingo wil dat Larry de jonkies van hem en Cindy ziet en haalt hem op. Minet gaat ook mee op de nachtelijke tocht.
Dingo, de Wilde Hond (35)
Door Leni Hof-Hoogland
Zo gingen Dingo, Larry en Minet in het holst van de nacht op weg naar het hol van Cindy en Dingo. Om de beurt mochten Larry en Minet bij Dingo op zijn rug gaan zitten. Zo ging het nog wat sneller.
In de woestijn was het erg stil. Alle dieren sliepen. Met flink doorstappen kwamen ze al gauw bij het nest aan.
Cindy had hen aan horen komen en stond bij de ingang te wachten.
Zij hield de doornstruiken voor de ingang gastvrij opzij en Larry begreep dat hij binnen mocht komen. Hij bukte zich en ging op de hurken bij de jonge hondjes zitten. Hij streelde ze om de beurt.
“Wat ben ik blij dat ik jullie even heb mogen zien”, zei hij. “En wat hebben jullie een lieve jonkies, Cindy en Dingo!”
“Ik wou maar dat ik één zo’n klein hondje mee mocht nemen”, dacht Larry bij zichzelf. “Maar Cindy en Dingo willen er natuurlijk niet een missen.”
In de woestijn was het nog steeds nacht. Maar dat zou niet zo lang meer duren. Straks zo het langzaam licht worden.
“Ik moet naar huis,” dacht Larry. Hij stond op.
Dingo begreep direct wat hij wilde. Hij blafte zacht. Nogmaals streelde Larry het fijne snoetje van Cindy. Ze likte zijn handen.
Dingo ging voor Larry staan en die begreep dat hij weer op de rug van de wilde hond mocht gaan zitten. Hij nam Minet bij zich op schoot en greep zich stevig vast. Dingo zette de vaart er weer goed in. Hij liep aan één stuk door, want er was geen tijd te verliezen. Larry moest weer in zijn bed liggen voordat de andere mensen op de boerderij wakker werden.
(wordt vervolgd)