Jan en Rita Eggens
Met de Camper op
Afrikaans Avontuur
(Aflevering 2)
Na hun grote reizen door China en een aantal Aziatische landen meer, Mexico, Canada de Verenigde Staten tot in Alaska toe, zijn Assenaren Jan en Rita er met hun camper weer op uit getrokken. Het reisdoel is nu Afrika en dat wordt een echt avontuur, want ze komen daar nog omstandigheden van een eeuw geleden tegen. Maar daar hebben ze zich al bij voorbaat bij neergelegd.
De eerste reisbelevenissen van Jan en Rita Eggens eindigden in Istanbul. Vandaar vertrokken ging het verder zuidwaarts, richting Syrië; waar een paar dagen later de grens werd bereikt.
We leerden de Turken als een vriendelijk volk kennen
Van Istanbul zijn we door het binnenland gereden naar Antalya en daar hebben we geen spijt van gekregen.
We kwamen door prachtige landschappen en onderweg hebben we steeds bij tankstations overnacht. Daar vond men het wel spannend, twee van die Hollanders in een camper, dat gebeurt daar niet elke dag. Bij elk tankstation kwamen ze ons 's morgens thee aanbieden. Soms zaten we met de pompbedienden onder een para-sol. Wij namen lekkere koeken mee en namen foto's.
Op dit hele traject wemelt het van de tankstations. De auto's staan dan ook nergens in de rij om te tanken dus ze hebben alle tijd. Altijd zijn de pompen 24 uur geopend en altijd is er bewaking, dus we kunnen altijd rustig gaan slapen. Heel vaak kunnen we er brood kopen en coca-cola, soms ook fruit. Als we dan weer wegrijden worden we vrolijk uitgezwaaid.
Zo leren we de Turken leren als een vriendelijk volk.
Onderweg zien we overal militairen en politie in uiterste staat van paraatheid, met het geweer in de aanslag. Dat heeft allemaal te maken met de oorlog met de Koerden. Ze laten ons steeds gewoon door.
We komen door veel armoedige gebieden, waar soms de boeren in de stal bij hun vee wonen en als ze al een onderkomen hebben dan ziet de stal er soms nog beter uit dan hun eigen onderkomen. Heel triest.
24 oktober.
Als we in Antalya aankomen gaan we op zoek naar een camping. Tevergeefs, die zijn er niet meer. We zijn even op een terrasje gaan zitten bij een restaurantje en naast ons hoorden we Nederlands praten. Al heel gauw waren we natuurlijk in gesprek.
We vertelden dat we onderweg naar Zuid-Afrika waren en wat bleek: de vrouw van het stel was Zuid-Afrikaanse en geboren in Potschefstroom. Ze woonde al een aantal jaren in Nijmegen met haar Nederlandse man. Nou kennen wij Potschefstroom ook heel goed en wij vertelden haar dus dat we daar al twee keer waren geweest. Het ijs was meteen gebroken.
Haar moeder woont er nog, en die heeft een aantal kennissen in verschillende plaatsen in Zuid-Afrika.
Als we daar even langs zouden gaan kan haar moeder ons helpen aan een aantal overnachtingsplaatsen, vertelde ze. We wisselden adressen, e-mail-adressen en telefoonnummers uit. Zij moesten met een busje mee en wij gingen weer verder, richting Alanya.
25 oktober
We zijn net weer op weg en zien midden op de weg een schildpad. Even oppassen dus. Er komt een auto luid toeterend naast ons rijden. De inzittenden zwaaien en lachen. Wij zwaaien terug en zien op de achterkant van de auto een grote reclame van Phlips. Het zal wel een vertegenwoordiger zijn geweest.
De weg loopt langs een prachtige kust met mooie stranden en als we een mooie parkeerplaats zien kunnen we de verleiding niet weerstaan. We stoppen, gaan het strand op en lopen zo de zee in. Er was ook een aantal badgasten van de luxe hotels die hier in overvloed langs de kust staan.De temperatuur is hier 30 graden. Er is weinig verkeer en in deze periode is er geen massatoerisme.
In dit gebied zijn er ook veel bananenplantages.
Net als op onze reis door China zien we ook hier complete gezinnen - mama, papa en twee kindertjes op een brommer. Zonder helm en dus levensgevaarlijk.
We moeten over drie lange bergpassen met alleen maar haarspeldbochten. Dat is enorm vermoeiend en soms gevaarlijk. Af en toe zien we de zee en dan weer rijden we een stukje het binnenland in. We hadden hier niet op gerekend maar het speet ons niets. Het was
een prachtige rit.
De oudere mannen en vrouwen dragen hier allemaal een wat wij noemen ‘Olifantenbroek’; het kruis hangt dan bijna tussen de knieën.
We komen door een gebied waar een enorme brand heeft gewoed. Alle bomen waren gekapt of moesten nog worden weggehaald. De mensen die dit karwei moeten opknappen wonen met hun gezinnen in een hut met daaromheen plastic of een tentzeil. De hutten zijn gebouwd op dikke boomstammen. De vrouwen en ook de kinderen werken allemaal mee.
Dan komen we op een stuk schrotterweg waar we 10 km. per uur rijden, want harder gaat niet. Jan zegt dat dit een voorproefje is van wat ons in Soedan te wachten staat. Alles rammelt en we kunnen elkaar niet meer verstaan. Nou ja, dat is misschien ook wel eens goed op z'n tijd…
Later stoppen we weer bij een tankstation in een klein dorpje. We kunnen er slapen; de pompbediende vond het allemaal wel leuk zomaar een buitenlandse auto bij z’n tankstation te hebben staan, want in dit gebied is er geen toerisme.
Hij kijkt van Jan naar mij en wil wat vertellen, maar dan gaat hij ineens weg en komt terug met een baby van zo’n drie maanden in z’n armen en drukt mij het kindje in m'n armen.
Daar zat ik dan. Het kindje keek wat vreemd op maar voelde zich al gauw op z’n gemak. Z'n gesluierde moeder bleef vanachter het raam in het kantoortje oplettend toekijken of het wel goed zou gaan.
Voor mij was het even emotioneel, want ik mis m’n kleinzoontje natuurlijk enorm.
26 oktober.
We vertrekken richting Adana met de bedoeling de Syrische grens te halen. Onderweg laten we de camper bij een tankstation even wassen voor € 3,00 en hij is dan weer helemaal spic en span. Weer moeten we theedrinken.Ze blijken daar
Van Basten, Gullit en Koeman te kennen.
Op het laatste stukje in Tur-kije zien we schaapherders in een speciale kledij uitgedost. Met een grote rode hoofddoek, mooi gedrapeerd om het hoofd, zitten ze op een ezel, die ook helemaal is uitgedost met een mooi rood zadeldek. Er hangt een bel, net als een koebel,aan de zijkant van de ezel. Natuurlijk loopt er ook een hond bij. We stoppen en vragen of we een foto mogen nemen. Dat mag en ze poseren er allebei even apart voor en ze vinden het prachtig. Er zijn hier ook veel katoenplantages.
Om vijf uur arriveren we bij de Turks-Syrische grens. Een vriendelijke douandebeambte, vraagt waar we naar toe gaan. Zuid-Afrika dus. Zijn reactie: "Are you crazy?” Het leek hem in ieder geval niks. We maakten nog wat gekheid en mochten toen door.
Dat gaat lekker snel, dachten we. Maar de boel was toch weer in de war. We liepen van het kastje naar de muur, want ze hadden weer een stempel vergeten te zetten. Maar het ging toch nog allemaal redelijk snel. Het kostte een halfuur en dan mag je niet klagen.
We zijn nu Turkije uit en rijden op de Syrische grens af.
Wat staat ons daar te wachten?
Rita Eggens
(wordt vervolgd)