AsserJournaal
zaterdag 8 december 2007
De SWA bouwt!
www.swa-assen.nl
 
 
AsserJournaal
Uitg. Stichting
Press Support

Hfd.red. Jan Hof
Tel.(0592) 37 10 17

Colofon (meer >>)

BMT Media
Reuring
Verhalen - Even een verhaaltje 10/11/2007 22:33

Verhaal voor de jeugd
(en voor OUDEREN)

 

Uit het boek ‘De Veer van de Kraanvogel’, met vertellingen en sprookjes uit het oude Rusland, vandaag deel vijf van het verhaal ’Hoe het Wylka op de zee verging’.

 

Hoe het Wylka op
de zee verging (5)

 

De houthakkers waren evenwel twee zusters, reuzinnen en dochters van de Heer der Rendieren.

Toen de oudste van de twee Wylka’s geschreeuw hoorde, zei ze tegen haar zuster:

“Was dat geen muis die piepte? Kijk eens even onder de wortels, lieve zuster.”

De jongste zuster keek in het gat en zag Wylka. Zij schrok hevig.

“Laten we weggaan”, zei ze. “Er zit daar iets, dat geen mens en ook geen dier is.”

“Maar vader heeft ons toch opgedragen heel goed te kijken als we iets aan de oever van de zee vinden. Laten we eerst maar eens heel goed kijken.”

Beide zusters keken nu in het gat. De jongste zei:

“Het lijkt me toch wel een mens. Ik weet niet of hij dood of levend is. Wat zullen we met hem doen?”

“Vader heeft gezegd dat we niets mogen laten liggen als we wat vinden aan de oever”, antwoordde de oudste. “Misschien kunnen we het gebruiken.”

Ze stak haar hand in het gat en haalde Wylka er uit. Ze voelde dat hij warm was, dus leefde hij. Ze deed hem in haar handschoen en zei tegen haar zuster:

“We moeten hem snel naar onze hut brengen.”

De boom werd niet geveld. De zusters namen plaats in de lege slee en reden zonder brandhout naar huis.

Thuis aangekomen warmden ze Wylka bij het vuur. Hij ontdooide en begon langzaamaan zijn armen en benen te bewegen.

Buiten was het knerpen van de ijzers van de sleden te horen. De Heer der Rendieren kwam er aan. De twee reuzinnen holden naar buiten om hun vader te begroeten.

“Zo, dochters”, zei de Heer der Rendieren. “Hebben jullie brandhout gehaald?”

“Hout hebben we niet”, antwoordden de zusters, “maar wel een klein mensje.``

En ze begonnen met het uitspannen van hun vaders rendieren, die zo groot waren als twee machtige bergen.

De heer des huizes ging naar binnen en zag wie daar bij het vuur zat.

“Maar dat is toch Wylka? Dezelfde die zijn rendieren temidden van de bergen liet grazen? Wat is er aan de hand, Wylka, is het je slecht vergaan?”

 

(wordt vervolgd)

Dit artikel afdrukken Reageren op dit artikel

Reuring
Uw reclame hier?



3526638
Naar boven
WebDesign en hosting: BMT Media