|
Gezondheidszorg
21 februari 2012
‘Als mijn moeder een vogel-bekdier was’ informeert kin- deren en moeders over borstvoeding ASSEN - Na de publicatie vorig jaar van ‘Slapen met je baby’ heeft Borstvoedingscentrum Panta Rhei nu een kleurrijk kinderprentenboek uitgebracht. ‘Als mijn moeder een vogelbekdier was…’ is geschreven door Dia L. Michels en uit het Engels vertaald door de Assense Marianne Vanderveen-Kolkena, die zich al heel lang inzet voor de bevordering van de borstvoeding. Het boek gaat over zoogdierbaby’s en hun moeders. Overal op de wereld, in alle mogelijke leefomgevingen, brengen moeders nieuw leven voort. Voor veel dieren, zoals reptielen en amfibieën, eindigen de taken van de moeder al voordat de baby’s zijn geboren. Voor zoogdierbaby’s is dat heel anders. Zij hebben hun moeders hard nodig. Door haar worden ze gevoed, geknuffeld en verzorgd, net zo lang tot ze in staat zijn om hun eigen boontjes te doppen en te overleven. Alle zoogdiermoeders voeden en beschermen hun jongen en leren ze de wijze levenslessen. Dit is een belangrijke taak en dikwijls nemen ze omwille van hun baby’s grote risico’s voor hun eigen overleving. Welke weg de zoogdierbaby aflegt tot aan de volwassenheid, hangt sterk van de diersoort af. Een beer of een vleermuis, een kortoorspitsmuis of een klapmuts, een nijlpaard of een mens… ze hebben allemaal hun eigen verhaal. Dit boek is een boeiende reis door de wereld van de zoogdieren. Het laat zien hoe veertien zoogdierbaby’s zich ontwikkelen en hoe ze op vele manieren van hulpeloze pasgeborenen langzaam maar zeker zelfstandige volwassenen worden. Bij ieder dier wordt besproken hoe de geboorte verloopt, hoe het groeit, wat het weet en eet op een bepaalde leeftijd en wat van dit dier een specifieke bijzonderheid is. De tekst is geschreven vanuit het perspectief van het jong, zodat het voor de lezer gemakkelijk is zich met het opgroei-ende dier te identificeren. Vanaf de leeftijd van ongeveer acht jaar kunnen kinderen dit boek zelfstandig lezen, maar het is ook zeer geschikt om uit voor te lezen. Zo kunnen (groot)ouders en kinderen zich samen verdiepen in wat zoogdieren zo bijzonder maakt en wat aan deze groep de naam heeft gegeven: zogen, het voeden met melk van de eigen moeder. Dit fraai door Andrew Barthelmes geïllustreerde boek is ook geschikt voor gebruik op scholen en bij natuureducatie.
Gezondheidszorg
17 februari 2012
Vader en zoon grensverleggend bezig op gebied van orthopedie Bodo Iprenburg: “Mensen van de pijn afhelpen is dankbaar werk en geeft zeer veel voldoening” “Ik kom niet uit een familie met een geneeskundige traditie”, zegt vader Menno. "Dat een zoon ook voor hetzelfde vak heeft geko-zen, komt eigenlijk maar heel weinig voor.” Bodo Iprenburg (39) is sinds enkele jaren werkzaam in het Wilhelmina Ziekenhuis en heeft daar de praktijk van zijn vader overgenomen. Hij haalde kortgeleden de publiciteit, doordat hij als enige orthopeed in het noorden bij knievervangende operaties, de Signature techniek toepast. Bij deze in Amerika ontwikkelde techniek wordt als voorbereiding een aantal weken van te voren een MRI scan van het hele been gemaakt. De firma Biomet maakt vervolgens via die scan een mal van de knie waardoor daarna met grote pr ecisie een knieprothese gezet kan worden. “Met die mal gaat het werken veel makkelijker en ook de schroefgaatjes zitten daarbij al exact op de goede plaats”, zegt Bodo Iprenburg. “Het heeft talloze voordelen. De operatietijd is korter waar-door minder bloedverlies en minder kans op complicaties. De maat van de prothese is ook veel meer aangepast op de knie van de patiënt en dat heeft voor ons ook weer logistieke voordelen want we hoeven geen grote hoeveelheden gemiddelde maten knieprotheses meer in voorraad te hebben.” Vader en zoon Iprenburg hebben beiden gemeen, dat ze op een zelfde manier grensverleggend bezig zijn. Telkens weer het ondernemen van vernieuwende initiatieven en door de technische verbeteringen wordt de patiënt ook beter geholpen. “De techniek die je gebruikt is prachtig en ontwikkelt zich steeds verder.” aldus zoon Bodo. Iprenburg senior zette in begin jaren 90, als één van de eersten in Nederland, het ‘Jo int Care’ programma op in het Wilhelmina Ziekenhuis. Hij voorzag tijdig de gevolgen van de toenemende vergrijzing. Veel meer versleten heupen en knieën en wanneer niets ondernomen zou worden, onover-zienbare wachttijden. “De meeste van onze patiënten hebben een pijnlijke kwaal of een handicap, geen ziekte. We komen vrijwel altijd gezonde patiënten tegen. Met een versleten knie, heup of met een hernia kun je heel goed oud worden, zij het dat je dan meestal wel vergaat van de pijn. De kwaliteit van het leven is daardoor dan behoorlijk afgenomen. Wij helpen mensen van de pijn af en dat juist maakt ons vak zo leuk. Het is echt dankbaar werk en geeft veel voldoening.”
Bijdrage Bert Jippes _________________________________________________ Voor meer informatie: http://www.herniakliniek.nl/de-rugkliniek/rugkliniek-iprenburg-veenhuizen.html
Gezondheidszorg
16 februari 2012
De bijzondere geschiedenis van Menno (66) en Bodo (39) Iprenburg Vader en zoon excelleren als orthopedisch chirurgen die zich met unieke operaties landelijk onderscheiden
ASSEN - Orthopedisch chirurg Menno Iprenburg (66, en in Assen welbekend) zou in 1979 naar een me-disch symposium in Sevilla gaan en staat met zijn toen 17-jarige zoon Bodo op de luchthaven Schiphol te wachten. Een aantal collega’s gaat ook mee; een rechtstreekse vliegverbinding is er niet, dus moet er via Parijs gevlogen worden en om in Parijs te komen is een particuliere vlucht besproken omdat er op dat moment geen lijnvluchten gaan. Het vliegtuigje komt niet opdagen, zijn collega’s geven er de brui aan en vertrekken weer huiswaarts. Vader Menno besluit om toch te gaan en met zoon Bodo gaat hij op weg via Londen. Deze reis neemt meer tijd in beslag dan verwacht en ze arriveren aan het eind van de middag in Sevilla. Het symposium is dan net afgelopen, maar ze zijn nog mooi op tijd voor het koude buffet. Ze blijven daarna nog een paar dagen en maken er een ontspannen vakantie van. Sevilla ligt in een prachtig gedeelte van Spanje en dat mag niet worden gemist. Twee weken na terugkomst zegt zoon Bodo opeens: “Menno, ik wil geneeskunde gaan studeren”. Hij treedt uiteindelijk in de voetsporen van zijn vader en wordt ook orthopedisch chirurg. Een bijzonder verhaal, maar dat van vader Menno is net zo bijzonder. Als 16 jarige was hij keeper bij de plaatselijke voetbalclub en tijdens een wedstrijd werd hij door een tegenstander gevloerd en kreeg een schop tegen zijn hoofd. Hij moest drie maanden het bed houden. Zijn slaapkamer lag boven het horlogemakersbedrijf van zijn vader. Regelmatig kwam de huisarts even langs in zijn Volkswagen Kever om naar Menno te kijken en met hem te praten, Na genezen te zijn besloot hij om geneeskunde te gaan studeren. Dokter worden, dat leek hem wel wat. Na zijn artsenopleiding, koos hij voor de richting chirurgie, volgde daarna een opleiding Tropengeneeskunde en leerde via een talencursus het Swahili. Hij belandde daarna met zijn gezin in Tanzania, werkte één jaar in het Universiteitsziekenhuis van Dar es Salaam en daarna twee jaar in het Regional Hospital in Iringa. Menno besloot er uiteindelijk niet te blijven en keerde met zijn gezin terug naar Nederland. Deze zes maanden durende reis mag op zijn minst behoorlijk avontuurlij k worden genoemd. Met een Landrover gingen ze vanaf Tanzania via Kenya, India, Nepal, Kashmir, Pakistan, Afghanistan, Iran, Kurdistan, Turkije, Griekenland, Joe-goslavië, Oostenrijk, Duitsland om uiteindelijk weer in Nederland terecht te komen. Menno volgde daarna tot 1979 een opleiding tot orthopedisch chirurg in Bonn en ging in 1980 in het Wilhelmina Ziekenhuis aan de slag. In 2006 begon hij voor zichzelf met een rugkliniek, eerst in Heerenveen en daarna in Veenhuizen. Menno Iprenburg: “Eigenlijk doe ik nu hetzelfde precisiewerk als destijds mijn vader. Ik werk volgens de PTED methode. Via deze methode volstaat een minuscuul sneetje in de zij van minder dan een centimeter en ik opereer de wervelkolom dan door een dun buisje smaller dan je pink. Het is precisiewerk op de vierkante millimeter. Ik moet me daarbij een driedimensionale voorstelling van het te opereren gebied maken en me oriënteren via een hoogresolutie-beeldscherm dat de zaken via een minuscule camera haarscherp tweedimensionaal weergeeft. Ik ben de enige in Nederland, die volgens deze PTED methode opereert bij hernia operaties. Achteraf zie je met deze methode ook nauwelijks een litteken. Er zijn meer orthopeden en neurochirurgen die via de endoscopische methode werken, maar die volgen een andere werkwijze waarbij via de rug een grotere operatiewond wordt gemaakt. In ziekenhuizen wordt meestal een hernia verwijderd door de neurochirurg. Die doet dat via een normale operatie met narcose, daarna nog gevolgd door twee dagen opname. De hersteltijd is ook veel langer. Met mijn methode komt het voor dat mensen met ondraaglijke pijnen de kliniek binnen komen strompelen en een paar uur later na de operatie, gewoon zonder pijn weer weg kunnen wandelen. De herstelperiode is veel korter en ze kunnen ook veel sneller weer aan het werk dan wanneer ze via de gangbare operatiemethodes geholpen zouden zijn. Het is de meest patiëntvriendelijke methode. Het nadeel is weer dat deze methode duurder is en dat de zorgverzekeraars het nu (nog) niet willen vergoeden, ondanks dat er geen ziekenhuisopname nodig is. De hogere prijs zit hem in de ontwikkelingskosten, dure apparatuur en de disposables zoals freesjes. Die zijn duur en maar eenmalig te gebruiken. De mensen die deze operatie willen, moe-ten het uit eigen zak betalen of bij hun werkgever of een arbeidsongeschikt-heidsverzekering aankloppen. Die staan daar meestal welwillend tegenover omdat de periode van arbeidsongeschiktheid veel en veel korter is en ze daardoor minder hoeven uit te keren. Voor een werkgever is dat een groot voordeel bij een werknemer die slecht gemist kan worden. Omdat de PTED methode macro-economisch voordeliger is komen hier mensen die het graag zelf betalen, ook omdat de pijn zo ondraaglijk is en de wachttijd bij een regulier ziekenhuis voor hen te lang is”, aldus Menno Iprenburg. De faam van die methode reikt inmiddels al buiten onze landsgrenzen. Er komen zelfs patiënten uit de VS, Canada, Afrika, China en Japan voor een behandeling in zijn kliniek.
Bijdrage Bert Jippes
Wordt vervolgd
Gezondheidszorg
9 februari 2012
Nieuwbouw modern Nieuw Graswijk start in maart. Cliënten kunnen eind volgend jaar verhuizen
ASSEN_ Interzorg start in maart met de lang verwachte nieuwbouw van Nieuw Graswijk door het bouwbedrijf Strukton. Het is de bedoeling dat cliënten in het najaar van 2013 hun nieuwe appartementen kunnen betrekken.
Het nieuwe verpleeghuis biedt straks ruimte aan 66 voornamelijk jong-dementerenden en aan mensen met niet-aangeboren hersenletsel. Ook komt er een afdeling Observatie en Crisisopname voor jongeren en ouderen met psychogeriatrische problemen. In plaats van de huidige twee-, drie- en vierpersoonskamers, krijgen alle cliënten in het nieuwe gebouw een eigen appartement van ongeveer 50m2, een grote vooruitgang vergeleken met de oude situatie.
Met de nieuwbouw gaat men voldoen aan de wensen van de cliënt van de toekomst. Daarom zijn er royale appartementen met eigen sanitair en andere faciliteiten die het de cliënten mogelijk maken hun leven zoveel mogelijk zelfstandig in te richten.
Om ruimte op het terrein te winnen krijgt het nieuwe pand drie verdiepingen: de ruime appartementen en gemeenschappelijke huiskamers voor cliënten op de eerste, tweede en derde verdieping. Het restaurant, de therapieruimtes, een kinderopvang, kantoren en een winkeltje komen op de begane grond. Vanaf de begane grond kunnen cliënten de ruime achtertuin bereiken. De vrijkomende grond rond Nieuw Graswijk verkoopt Interzorg aan Strukton. Op deze grond bouwt Strukton 23 woonhuizen. Hierdoor is Nieuw Graswijk straks onderdeel van een nieuwe woonwijk.
In maart en april van dit jaar begint Strukton met de voorbereidingen voor de bouwwerkzaamheden. Er wordt onder andere een bouwweg aangelegd en gestart met de sloop van de achterzijde van Nieuw Graswijk. Dit deel van het gebouw staat al geruime tijd leeg. Totdat het nieuwe gebouw helemaal af is, kunnen de huidige cliënten van Nieuw Graswijk in het voorste deel van het pand blijven wonen. De nieuwe accommodatie wordt eind volgend jaar opgeleverd.
Gezondheidszorg
7 februari 2012
Operaties konden na uur vertraging gewoon doorgang vinden. Geen uitval
WZA moest door strenge vorst automatische lucht- behandeling operatie- kamers uitschakelen
ASSEN – Ook het WZA ontkomt niet aan het onge-mak van de voortdurende vorst. Het luchtbehan-delingssysteem van de operatiekamers van het Wilhelmina Ziekenhuis Assen is als gevolg van het koude weer de automatische vorstbeveiliging vanmorgen om half zes uitgeschakeld om te voorkomen dat het bevriest. De buitenluchttoevoer van de luchtbehandeling is handmatig op een alternatief systeem gezet en weer in bedrijf genomen. Hierdoor heeft de planning van de OK een uur vertraging opgelopen. De geplande operaties kunnen allemaal doorgaan.
Het luchtbehandelingssysteem zuigt grote hoeveelheden buitenlucht aan, die vervolgens verwarmd en gefilterd naar de OK worden geblazen.
Hoofd Technische Zaken Ulrich Franke van het WZA toont zich verheugd dat de vorstbeveiliging goed werkte. “Het luchtbehandelingssysteem kan bevriezen wanneer de vorstbeveiliging niet werkt en dat zou grote schade tot gevolg hebben. De luchttoevoer naar de OK zou in dat geval gestremd zijn en de OK zou dagenlang niet gebruikt kunnen worden. Dankzij de goed werkende vorstbeveiliging en de snelle overschakeling naar een alternatief luchttoevoersysteem hebben we geen operaties hoeven uitstellen”, zegt de heer Franke.
Gezondheidszorg
1 februari 2012
Noodzakelijke bezuinigingen treffen GGZ. Inkrimping met 117 arbeidsplaaten
ASSEN - GGZ Drenthe gaat forse bezuinigingsmaatregelen treffen. Als gevolg van ingevoerde bezuinigingsmaatregelen op de Geestelijke Gezondheidzorg moet GGZ Drenthe in 2012 € 8.5 miljoen bezuinigen. Zij gaat op enkele plaatsen haar activiteiten beperken of op een andere manier organiseren. In totaal verwacht GGZ Drenthe dat met deze maatregelen circa 117 arbeidsplaatsen op het spel staan. Een deel van de voorgenomen bezuinigingen is het gevolg van een verwachte afname van een beroep op psychiatrische hulp door invoering van de eigen bijdragen voor behandeling en verblijf, die sinds januari gelden. Daarnaast heeft de Minister besloten dat aanpassingsstoornissen niet langer deel uitmaken van de basis ziektekostenverzekering.
GGZ Drenthe gaat meer mensen voortaan thuis of op de polikliniek behandelen om te voorkomen dat zij opgenomen moeten worden in een kliniek. Het aantal beschikbare plaatsen in de klinieken van GGZ Drenthe loopt het komende jaar met ongeveer 75 terug. Klinische behandeling is in de regel (veel) duurder dan ambulante behandeling.
Elders gaat GGZ Drenthe behandelgroepen samenvoegen. Op deze wijze hoopt GGZ Drenthe te kunnen bezuinigen op de kosten voor huisvesting en ondersteuning. Ook bij de ondersteunende diensten, zoals ICT, facilitaire zaken of opleidingen, zal flink bezuinigd moeten worden.
Gezondheidszorg
18 januari 2012
Patiënt gerichte behande-ling en goede informatie bezorgden Fertiliteitskli-
niek WZA onderscheiding
ASSEN - De fertiliteitskliniek van het WZA gevestigd in het Medisch Centrum Wilhelmina aan de Borgstee heeft een ‘Pluim’ gekregen voor de geboden patiëntgerichte kwaliteit. Deze onderscheiding is afkomstig van Freya, de vereniging voor mensen met vruchtbaarheidsproblemen. Alleen de klinieken die voldoen aan specifieke kwaliteitscriteria ontvangen een Pluim.
Freya introduceerde op 13 januari de Monitor Fertiliteitszorg. Met deze online applicatie (te vinden op www.freya.nl) wordt de fertiliteitszorg in Nederland in kaart gebracht en kunnen patiënten op basis van voor hen belangrijke criteria een weloverwogen keuze maken voor het ziekenhuis waar zij behandeld willen worden. Criteria voor goede fertiliteitszorg zijn onder meer het aanbieden van psychosociale ondersteuning en het voorkomen van onnodig herhalen van bepaalde belastende onderzoeken. Instellingen komen in aanmerking voor de Pluim wanneer zij aan minimaal acht van de elf criteria voldoen. Daarbij zijn er twee ‘must-haves’ benoemd. In ieder geval moet voldaan zijn aan het geven van goede informatie en dat vruchtbaarheidsbehandelingen zeven dagen per week kunnen plaatsvinden.
Gynaecoloog Alexander Sluijmer van het WZA Assen is blij met de erkenning van Freya. “Naast de algemene fertiliteitsbehandeling hebben wij sinds augustus 2010 een samenwerking met het UMC Groningen, waardoor we een belangrijk deel van de IVF-behandeling in Assen kunnen uitvoeren. We hebben alle behandelingen bewust ondergebracht in het Medisch Centrum Wilhelmina, zodat paren met vruchtbaarheidsproblemen niet samen met zwangere patiënten in de wachtkamer zitten. Dit was ook een van de criteria van Freya. Verder hebben wij zeer ruime openingstijden. Patiënten kunnen al om half acht ’s ochtend bij ons terecht, zodat ze op tijd op hun werk zijn. We krijgen hierop zeer positieve reacties van onze patiënten. Voor het hele fertiliteitstraject, inclusief IVF, bestaan bij ons bovendien geen wachttijden.”
Gezondheidszorg
12 januari 2012
UMCG onderzoekt effect van vitamine D en zoutbeperkt dieet bij nierpatiënten Het UMCG start in samenwerking met vier andere ziekenhuizen in Nederland een onderzoek naar de beschermende werking van vitamine D én zoutbeperking bij nierpatiënten. De verwachting is dat de toevoeging van deze combinatie aan de standaardbehandeling met medicijnen zal leiden tot minder nierschade.
Chronische nierschade wordt gekenmerkt door een versnelde achteruitgang van de nierfunctie, die uiteindelijk dialyse of een niertransplantatie noodzakelijk maakt. Door de behandeling van proteïnurie (eiwitverlies in de urine) kan de achteruitgang in de nierfunctie worden beperkt. De huidige behandeling van proteïnurie bestaat uit medicatie (zogeheten angiotensine converting enzyme (ACE) remmers of angiotensine receptor blokkers (ARB's). Uit eerder onderzoek is bekend dat beperking van de zoutinname het beschermende effect van deze medicijnen kan versterken. Desondanks verdwijnt de proteïnurie bij een deel van de patiënten niet volledig, wat gepaard gaat met een ongunstige prognose voor de nierfunctie op lange termijn. Het is daarom van groot belang om nieuwe behandelingen te onderzoeken om te voorkomen dat dialyse of een niertransplantatie nodig zijn. Uit recent onderzoek is gebleken dat vitamine D door het verlagen van de proteïnurie een nieuwe behandeling voor nierpatiënten zou kunnen zijn. Daarnaast is er vanuit het UMCG veel onderzoek gedaan naar de toegevoegde waarde van zoutbeperking in combinatie met medicijnen bij nierpatiënten. Het doel van dit onderzoek, dat bovengenoemde interventies combineert, is om te onderzoeken of het zinvol is om vitamine D toe te voegen aan de huidige behandeling (zoutbeperking en ACE remmer / ARB) van nierpatiënten. Aan dit onderzoek zullen naar verwachting 50 volwassen patiënten met een chronische nierziekte zonder diabetes meedoen. Deelnemers aan het onderzoek dienen eiwitverlies in de urine (albuminurie, tenminste 300 mg/dag maar minder dan acht gram/dag) en een stabiele nierfunctie (tenminste 30 ml/min/1.73m2) te hebben.
Het betreft een multicenter onderzoek dat gaat lopen in ZGT Almelo, het VU Medisch Centrum (Amsterdam), het Medisch Centrum Alkmaar en het UMCG. Het UMCG is coördinator van het onderzoek. Het UMCG is recent gestart met het opzetten van een landelijk netwerk voor onderzoek bij nierpatiënten. Binnen het HONEST (Holland Nefrology Study Group) netwerk worden al meerdere gezamenlijke onderzoeksprojecten gedaan. De eerste resultaten van dit onderzoek worden begin 2014 verwacht. Het UMCG hoopt dat dit onderzoek informatie oplevert om in de toekomst nierpatiënten beter te kunnen behandelen. ___________________________________________________ Meer info: http://www.vitaminedonderzoek.nl/
Gezondheidszorg
4 januari 2012
‘Icare’ door ministerie VWS uitgekozen verminderen van regels in de zorg in de praktijk te brengen
ASSEN - Icare Verpleging en Verzorging is met 27 andere uit 120 zorgaanbieders door de Staatssecretaris van VWS aangewezen om voorstellen tot het verminderen van regels in de zorg in de praktijk te brengen. Een voorbeeld van een regel waarvan zorgverleners en mensen die zorg nodig hebben last hebben, is de procedure rond de indicatie. De procedure gaat ervan uit dat mensen die zorg nodig hebben eerst een indicatie moeten krijgen bij het CIZ en dat daarna de zorgverlening kan starten. Hierdoor moeten mensen eerst hun verhaal doen bij het CIZ en daarna nog een keer bij de wijkverpleegkundige. Het CIZ gebruikt voor de indicatie standaardprotocollen, die niet altijd goed aansluiten bij de situatie van de klant. Ook als er iets in de situatie verandert, moet weer een wijziging in indicatie worden aangevraagd. Beter is het als de wijkverpleegkundige samen met de cliënt en zijn of haar naaste omgeving de situatie in kaart brengt, een plan maakt, zorg levert, regelmatig met de cliënt bespreekt of het nog naar wens is en de zorg aanpast als dat nodig is. Dat moet leiden tot Zorg op Maat zonder onnodige tussenstappen of regels.
Regio directeur Gert Leeftis is verheugd dat Icare is uitgenodigd voor dit experiment ‘Regelarme zorg’. “We zijn zelf twee jaar geleden gestart met het terugdringen van onze eigen ‘bureaucratie’. We willen onze organisatie veranderen van een regelgestuurde organisatie naar een professionele organisatie, waarin de relatie tussen cliënt en zorgmedewerker het uitgangspunt is. De wijkteams krijgen zelf zoveel mogelijk verantwoordelijkheid voor het zorgproces. Door kritisch te kijken naar alle administratieve processen en regels en die alleen te behouden als deze zinvol zijn, kunnen we met hetzelfde aantal medewerkers meer klanten een betere zorg verlenen. We weten zeker dat dit experiment van het ministerie ons nu extra mogelijkheden geeft om deze verandering door te voeren”.
Gezondheidszorg
9 december 2011
WZA krijgt opnieuw Vaatkeurmerk
Erkenning voor kwaliteit van behandeling voor vaatchi-rurgen De Vos en Vierhout
ASSEN - Het WZA heeft opnieuw het Vaatkeurmerk gekregen. Dit betekent dat het ziekenhuis voldoet aan de kwaliteitseisen van de Hart & Vaatgroep. Het keurmerk is bedoeld ter informatie van vaatpatiënten, hun verwijzers en zorgverzekeraars.
De Hart & Vaatgroep reikte het vaatkeurmerk uit aan de ziekenhuizen in Nederland die aan de kwaliteitscriteria voor goede vaatzorg voldoen. Het richt zich op de kwaliteit van behandelingen van aandoeningen in de slagaders van benen, bekken, buik, aorta en hals. Op de website van de Hart & Vaatgroep kunnen patiënten en verwijzers zien welke ziekenhuizen het Vaatkeurmerk hebben gekregen en nagaan welke ziekenhuizen welke vaatbehandelingen doen en hoe vaak. Het keurmerk helpt vaatpatiënten een keuze te maken voor een ziekenhuis waar zij behandeld willen worden.
De Hart & Vaatgroep reikte in 2008 voor het laatst het keurmerk uit. Ook toen voldeed het WZA aan de criteria. De vaatchirurgen Bart de Vos en Bas Vierhout reageerden verheugd op de toekenning van het Vaatkeurmerk 2011. “Het is voor ons een mooie bevestiging dat we adequate zorg leveren op het gebied van vaatlijden”, zegt De Vos, “en een compliment voor iedereen in het ziekenhuis die zich hiermee bezighoudt.”
|