|
Kort nieuws
Twee Assenaren ASSEN - Twee Assenaren (32 en 38 jaar) werden in Haren aangehouden bij een verkeerscontrole. Daarbij bleek dat de 32-jarige bestuurder geen iden-titeitsbewijs kon tonen. De bijrijder had een mes en 15 gram hennep bij zich. Beiden zijn opgepakt en kregen een een proces-verbaal. ASSEN - Een 21-jarige Assense raakte dinsdagavond door een ongeluk met haar brommer dusdanig gewond dat ze in het WZA moest worden opgeno-men. Zij reed over het fietspad langs de Thor-beckelaan, waar ze plotseling werd ge-confronteerd met een afslaande auto die de parkeerplaats bij sporthal De Timp op wilde rijden. De bromfietsster botste op de zijkant van de auto, bestuurd door een 41-jarige plaatsgenoot, en raakte buiten bewustzijn. De politie maakte proces-verbaal op van het ongeluk. Assenaar (40)be- dreigde ex-vrien- din met de dood Assen- De politie heeft maandagavond een 40-jarige Assenaar opgepakt. De man had zijn ex-vriendin in haar woning aan de Elbestraat woordelijk met de dood bedreigd. Dat gebeurde zelfs in aanwezigheid van inmiddels gearriveerde agenten. Ook weigerde hij de woning te verlaten, maar dat kon hij niet gestand doen. De politie aarzelde niet de man de wacht aan te zeggen en hem naar de Balkengracht over te brengen, waar hij voor nader onderzoek werd inge-sloten. Twee mannen en een vrouw na mis- handeling café- houder de bak in ASSEN – Twee mannen en een vrouw gingen de bak in na mishandeling van de eigenaar van een café aan de Rolderstraat. Nadat hem vuistslag in het gezicht was toegebracht verlieten de mannen (23 en 56 jaar) en een 58-jarige vrouw de zaak, stapten in een auto en gingen er vandoor. Ze werden kort erna door de politie achterhaald, opgepakt en ingesloten. De kroegbaas werd mishandeld omdat hij een van de mannen eerder op de avond uit de zaak had gezet.
|
Verhaal voor de Jeugd Uit het boek ‘De Veer van de Kraanvogel’, met sprookjes en vertellingen uit het oude Rusland, vandaag het vijfde en laatste deel van het verhaal ‘De Menseneters’.
Het was net licht geworden. Daar kwamen ze een groot aantal buren tegen.”Waar gaan jullie heen?” vroegen de vrouwen. “Och, dat weten jullie nog helemaal niet, maar vlak bij onze nederzetting is nu een rivier. Wij gaan vissen.” “O, doe dat niet. Aan de andere kant van de rivier staat een gevaarlijke menseneter.” “Wat maakt ons dat uit?” zeiden de mensen. “Wij hebben trek in vis!” De vrouwen liepen naar hun hutten, maar opeens bleven ze staan. “We hebben onze manden met bessen in de toendra laten staan!” zei de jongste. “Dat hindert niets. Dan staan we morgen wat vroeger op en halen ze”, zei de oudste. De derde knikte. “Die manden willen we niet kwijt. En van de bessen is het ook jammer.” Ze namen afscheid en gingen ieder naar hun eigen jurte. De andere mensen waren al aan het vissen. Toen de Ninwit hen zag, vroeg hij van zijn kant van de rivier af: “Hé, hallo, mensen! Zijn er zopas niet drie vrouwen over de rivier gekomen?” “Dat klopt!”gaven ze hem ten antwoord. “Hoe zijn die er dan over gekomen?” “Heel eenvoudig! Ze hebben op een bepaalde plaats al het water opgedronken en zijn met droge voeten aan de overkant gekomen.” “Werkelijk, eenvoudiger kan het niet”, zei de Ninwit tot zichzelf. Hij ging op zijn buik aan het water liggen, en begon te drinken. Hij dronk en dronk en zijn buik kreeg een geweldige omvang. Al gauw kon hij niet meer drinken en nauwelijks nog bewegen. In de rivier dreven evenwel bladeren, grasstengels en takken. De menseneter riep: “Kom niet te dicht bij me! Raak me niet aan! Anders knap ik!” Maar daar trokken de bladeren en takken zich niets van aan. Ze dreven waarheen ze wilden. De Ninwit probeerde ze weg te blazen. Hij boog diep naar het water toe. Zijn zware buik maakte dat hij voorover duikelde en nu dreef hij in de rivier tussen de bladeren en de takken. Steeds verder dreef de Ninwit met de stroom mee, tot hij in de nabijheid van zijn jurte was aangekomen. Met grote moeite kon hij op de kant komen. Daar lag hij nu en snakte naar adem. Zijn twee broers kwamen aangerend. Ze zagen zijn kogelronde buik daar als een heuvel liggen en vroegen jaloers: “Heb je ze soms ingehaald? Heb je ze alledrie opgegeten?” “Natuurlijk heb ik ze ingehaald”, schepte de jongste Ninwit op. “En ik heb gegeten tot ik niet meer kon!” “Waarom heb je niets voor ons bewaard? Waarom heb je helemaal niet aan ons gedacht?” “Waarom zou ik aan jullie denken? Ik heb ze gevangen, dus heb ik ze ook opgegeten!” (Einde)
Donateurs Abonnement op het AsserJournaal ASSEN - Van nu af kunnen lezers (individueel) directies en besturen van Clubs en Instellingen zich aanmelden als DONATEUR ABONNE van het AsserJournaal. Stelt u het op prijs dat het AsserJournaal blijft verschijnen maak dit mogelijk door Rekening 382837592 met vermelding AJ Press Support |
Laatste nieuws
|



Contact
Colofon
Zoeken / archief





Reageren
Afdrukken